Behandeling

Bij het eerste bezoek bestaat het eerste deel uit een gesprek (anamnese), waarin o.a. gevraagd wordt naar de reden van het bezoek en naar de medische voorgeschiedenis.
Hierna volgt een lichamelijk onderzoek van top tot teen. De osteopaat kijkt naar het functioneren van het gehele lichaam. Er wordt niet alleen gekeken naar de beweeglijkheid van de wervelkolom, maar ook naar de beweeglijkheid van gewrichten, de schedel en de organen. 
Na het onderzoek worden de bevindingen met de patiënt besproken. Tijdens de vervolg behandelingen zal de osteopaat de bij onderzoek gevonden bewegingsbeperkingen beïnvloeden. Dit betekent dat hij handgrepen uitvoert op het lichaam, veelal op andere plaatsen dan daar waar de klacht zich bevindt.

Omdat elke structuur van het menselijk lichaam onderzocht wordt, kent de osteopathie verschillende aspecten in de diagnostiek en behandeling:

Het pariëtaal aspect:
het bewegingsapparaat, gevormd door botten, spieren, gewrichten.

Het visceraal aspect:
de inwendige organen met hun bloedvaten, lymfevaten en zenuwen.

Het craniale aspect:
de schedel en de wervelkolom met daarin het hersenvocht, de vliezen en het zenuwstelsel.

Behandelfrequentie

De behandelfrequentie ligt beduidend lager dan die van andere behandelingsmethoden, omdat het lichaam tijd nodig heeft om zich aan de nieuwe bewegingswinst aan te passen.
De osteopaat geneest niet, maar heft de blokkades op die de genezing in de weg staan. Het kan zijn dat u na de behandeling een verergering van de klacht ervaart, dit is omdat er een nieuw evenwicht in het lichaam ontstaat en dit gaat meestal niet zonder protest. De periode tussen de behandelingen kan variëren van 2 weken tot 3 maanden. Deze tijd heeft het lichaam nodig om tot een nieuw evenwicht te komen. Na 3 behandelingen moet er een vooruitgang geboekt worden in de klacht. Vaak zijn 4 á 5 behandelingen voldoende, maar dit is afhankelijk van hoelang de klacht bestaat en het soort klacht. Eén behandeling duurt 45-60 minuten.


Geen verwijzing

U heeft voor een osteopathie behandeling geen verwijzing van de huisarts nodig. 
In het belang van de behandeling kan het voor de osteopaat interessant zijn om bepaalde onderzoeksgegevens te kennen. In een dergelijk geval zal er in overleg contact worden opgenomen met de huisarts.